Henri Charles Jonas 1878 - 1944

Henri Jonas werd op 8 mei 1878 geboren te Maastricht. Overdag werkzaam als (leerling) huisschilder, volgde hij 's avonds de lessen van Rob Graafland aan het Stadsteekeninstituut en vanaf 1902 ook aan de Zondagsschool voor Decoratieve Kunsten. Toen Jonas' eerste echtgenote, Netteke Roukens, aan tuberculose was overleden, vertrok de schilder in 1917 naar Amsterdam. Tot augustus 1918 volgde Jonas de opleiding aan de Rijksacademie voor Beeldende Kunsten. Tijdens dit korte verblijf in Amsterdam werd hij definitief gewonnen voor het expressionisme dat in Nederland, tijdens de Eerste Wereldoorlog, tot ontwikkeling kwam, als resultaat van een gistingsproces tussen het Vlaamse expressionisme, het fauvisme en het kubisme. Jonas kon hierdoor definitief het impressionisme en het voorbeeld van zijn leermeester Graafland loslaten.
Na zich in 1922 definitief in Maastricht te hebben gevestigd, leerde H. Jonas in 1925 Eugenie Servais kennen, met wie hij onder druk van zijn kerkelijke opdrachtgevers, niet kon huwen omdat zij een gescheiden vrouw was. De innerlijke tweestrijd die hiervan het gevolg was, leidde in 1932 tot een diepe depressie. Behalve tussen 1937, het jaar waarin hij met de inmiddels 'weduwe' geworden Eugenie in het huwelijk trad en 1940, verbleef Jonas de rest van zijn leven in psychiatrische inrichtingen. Tussen 1925 en 1932 bloeide Jonas' talent. Door het werk van Constant Permeke leerde Jonas in zijn kunst de primaire en oergrondelijke expressie van het leven te verbeelden, terwijl hij in staat was zijn kennismaking met jet Nederlandse expressionisme uit te buiten. Zijn vele glas-in-loodramen zijn picturaal en weinig vanuit de specifieke situatie vormgegeven. De heiligen die hij weergaf, zijn de representanten van een diep maar gekweld geloof. (ontleent uit de DSM Kunst-Collectie)
 

Links
Het Bonnefantenmuseum in Maastricht